Alles is energie…
Stacks Image 2
Macedonië-therapie

Sinds 2002 is Ineke van den Berg voor twee dagen per week verbonden aan de Erasmus Universiteit te Rotterdam. Hier doet zij, als epidemioloog,  wetenschappelijk  onderzoek naar alternatieve geneeswijzen en pijn. Zo kwam zij in 2003 onder meer als onafhankelijk waarnemer, via een reis naar Macedonië, in contact met de dystrofietherapie van mw. Shinka: de PEPT-methode.

PEPT staat voor Pain Exposure of Physical Therapy
Deze behandeling bestaat voornamelijk uit het transpositioneren, losmaken en manipuleren van de zachte weefselstructuren rond het gebied van het aan de dystrofie voorafgaande trauma. Deze behandeling is vaak pijnlijk, maar blijkt noodzakelijk. De, door het trauma en de dystrofie gerelateerde pijnen, aangenomen dwangstand wordt zo actief benaderd en zo mogelijk gecorrigeerd. De aangedane voet wordt zo snel mogelijk weer functioneel belast. Deze methode wordt inmiddels toegepast door verschillende behandelaars in Nederland.

Dystrofiepatiënten worden in deze praktijk vanuit verschillende disciplines behandeld. Vaak gebruikt zij voorafgaand aan de manipulaties eerst acupunctuur om de pijn te bestrijden, maar ook om de doorbloeding te verbeteren. Bij jarenlange klachten gebruikt zij ook opbouwende Chinese kruiden, die de doorbloedingverbetering ondersteunen.

Er moet (met beleid en overleg) getraind en geoefend worden, vaak in samenwerking met een fysiotherapeut, om zo weer de conditie op te bouwen. De behandeling bestaat  dan uit PEPT, kinesio-taping, bindweefselmassage en balanstraining om pijn te verminderen en belastbaarheid te optimaliseren.

Het gehele behandelprotocol vraagt veel actieve betrokkenheid en doorzettingsvermogen van de patiënten, maar omdat de belastbaarheid van het aangedane lichaamsdeel vaak snel reageert met normalisering van de temperatuur en de pijn, zijn de patiënten daar zeer gemotiveerd mee bezig.
Voor ons is het erg belangrijk dat de behandelend arts bij deze patiëntengroep, die al zoveel geprobeerd heeft, op de hoogte en zo mogelijk betrokken is bij deze “nieuwe” therapie. Het is namelijk van belang dat bij veranderingen in de pijn en doorbloeding, maar ook in de spierkracht en belastbaarheid onder supervisie van de arts aanvullende farmacologische en of fysiotherapeutische behandelingsvoorstellen worden geïnitieerd, begeleid en gecontroleerd.